De drie tijdperken van AI

Deel

Over een groeiende kloof en de vraag of ik een Mac Mini moet kopen

Er zijn van die weken dat je hoofd niet kan bijhouden wat er gebeurt.

Afgelopen maandag las ik dat Jensen Huang — de CEO van Nvidia — OpenClaw omschreef als "probably the single most important release of software, you know, probably ever." Hij vergeleek het met Linux, Kubernetes en HTML in één adem. Woensdag las ik dat het project in minder dan vier maanden meer dan 250.000 GitHub-sterren had verzameld — daarmee React voorbijgestreefd als het meest gesteunde open-source project ooit. Donderdag stond ik in een gesprek met iemand die AI "interessant vindt maar er nog niet echt mee bezig is."

Dat contrast laat me niet los.

Dit gaat niet over hype. Het gaat over twee werelden die steeds verder uit elkaar bewegen. En over de vraag wat je daarmee doet — als professional, als organisatie, als mens die probeert te begrijpen wat er aan het gebeuren is.

Maar het stopt niet bij die twee werelden. Binnen de AI zelf speelt nog een andere beweging — niet tussen mensen onderling, maar in de technologie zelf. AI ontwikkelt zich in tijdperken. Het gaat over twee tijdperken — en een derde dat zich al aankondigt. Tijdperk 1 begon in november 2022 met ChatGPT: AI als gesprekspartner, de mens met het stuur in handen. Tijdperk 2 begon in januari 2026 met OpenClaw: AI als uitvoerder, de mens die delegeert en aanstuurt. En tijdperk 3 werpt al een schaduw — AI die zichzelf verbetert, in een feedbackloop waar we de eindbestemming nog niet van kennen.

De meeste mensen bevinden zich nog in tijdperk 1. Sommigen zijn niet eens begonnen. En wij zitten al in tijdperk 2.


Drie tijdperken

AI beweegt niet in een rechte lijn. Het beweegt in sprongen. En elke sprong begint met één concreet moment — één product, één naam — dat het tijdperk opent.

Tijdperk 1 begon op 30 november 2022. Die dag lanceerde OpenAI ChatGPT. Niet de meest geavanceerde AI ooit, maar wel de eerste die iedereen kon gebruiken. Een chatvenster. Een vraag typen, een antwoord krijgen. De interface was zo eenvoudig dat je geen handleiding nodig had. Honderd miljoen gebruikers in twee maanden — sneller dan elk product in de geschiedenis daarvoor.

Wat dit tijdperk kenmerkt: de mens en de AI in gesprek. Jij stelt een vraag, de AI antwoordt. Jij prompts, de AI genereert. Het is een dialoog. De mens is actief aanwezig bij elke stap. We noemen dit co-intelligence — de mens en de machine denken samen, maar de mens houdt het stuur vast bij elke bocht.

Tijdperk 2 begon in januari 2026. Die maand werd een open-source project — aanvankelijk gelanceerd als Clawdbot in november 2025, hernoemd naar OpenClaw na een korte omweg via Moltbot — viraal. Gemaakt door één Oostenrijkse ontwikkelaar, Peter Steinberger. Geen groot lab. Geen miljardenfunding. Gewoon: een agent die daadwerkelijk dingen doet.

Je zegt: ruim mijn inbox op, vat de belangrijke mails samen en plan de vergaderingen. En het gebeurt. Niet als suggestie. Niet als tekst die je daarna zelf uitvoert. Het gebeurt. OpenClaw leest je mail, schrijft commando's, bedient je agenda, stuurt berichten — autonoom, terwijl jij koffie drinkt.

Jensen Huang noemde het "the next ChatGPT." Die vergelijking is precies goed: beide zijn het concrete beginpunt van hun tijdperk. ChatGPT opende de deur naar AI als gesprekspartner. OpenClaw opent de deur naar AI als uitvoerder. Niet meer samenwerken met AI — AI managen. Delegeren, aansturen, controleren. Het tijdperk van de agent.

Tijdperk 3 kondigt zich al aan. Ik ga het hier nog niet volledig uitwerken — dat doet het drieluik. Maar de contouren zijn zichtbaar voor wie ernaar kijkt. AI-systemen die worden ingezet om betere AI-systemen te bouwen. Een feedbackloop. OpenAI's nieuwste Codex-model was, naar eigen zeggen, "instrumental in creating itself." Dario Amodei sprak bij Davos openlijk over recursieve zelfverbetering als strategisch doel. Het Ding leert zichzelf verbeteren. Wat dat betekent, werken we later uit. Maar negeren is geen optie meer.

De drie tijdperken bij elkaar laten zien hoe fundamenteel de rol van mens én machine verandert — van gesprek naar delegatie naar iets wat we nog niet volledig begrijpen.

De kloof — en waarom hij groeit

Hier is de paradox die me bezighoudt.

De theoretische mogelijkheden van AI verdubbelen momenteel ruwweg elke 131 dagen — gemeten aan wat AI zelfstandig kan afmaken, op basis van METR's Long Tasks benchmark. Dat is geen marketingclaim. Dat is een gemeten curve. Exponentieel. Onophoudelijk.

En tegelijkertijd: de meeste mensen zijn nog niet eens echt begonnen.

In mijn blog De Kloof beschreef ik hoe een frictiematrix van tien factoren ervoor zorgt dat de praktische toepassing structureel achterblijft bij de technologische mogelijkheden. Die tien factoren zijn:

  1. Gebrek aan bewustwording — mensen weten niet wat AI nu werkelijk kan
  2. Onjuist mentaal model — AI wordt gezien als zoekmachine of rekenmachine
  3. Angst voor irrelevantie — het gebruik voelt als een erkenning dat je vervangbaar bent
  4. Gebrek aan psychologische veiligheid — fouten maken met AI is zichtbaar en voelt riskant
  5. Tijdsdruk — leren kost tijd die er niet lijkt te zijn
  6. Gebrek aan veilige oefenruimte — geen zandbak, meteen productieomgeving
  7. Onduidelijke ROI — het nut is niet direct meetbaar
  8. Organisatorische weerstand — governance en beleid remmen af wat individuen willen
  9. Kwaliteitsangst — de output voelt onbetrouwbaar, dus vertrouw je het niet
  10. Identiteitsbedreiging — wie ben ik nog als AI mijn expertise overneemt?

Elk van deze factoren remt. Samen vormen ze een muur. En terwijl die muur staat, verdubbelen de mogelijkheden aan de andere kant elke 131 dagen.

Dat is de kloof. Niet een kwestie van technologie. Een kwestie van menselijke adoptie die lineair beweegt terwijl de wereld exponentieel groeit.

Het gevolg: van de mensen die actief met AI bezig zijn, zit verreweg het grootste deel in tijdperk 1. Ze gebruiken ChatGPT of Claude als een slimme zoekmachine. Ze prompten, lezen het antwoord, en doen er iets mee. Dat is waardevol. Maar het is tijdperk 1.

Een klein deel experimenteert al met tijdperk 2. Agents. Workflows. Delegeren. Die ervaren iets wat fundamenteel anders voelt — niet meer een gesprekspartner, maar een uitvoerder die werkt terwijl jij iets anders doet.

En de rest? Die heeft AI nog niet echt aangeraakt. Terwijl we al in tijdperk 2 zitten.

De vraag die ik mezelf stel

Ik ben iemand die dagelijks met AI werkt. Ik schrijf erover, denk erover na, orkesteer ermee. En toch: ook ik word regelmatig overvallen door de snelheid.

Want nu komt er een vraag op die ik een jaar geleden niet had: moet ik thuis een Mac Mini neerzetten en OpenClaw lokaal draaien? Moet ik open-source LLM's lokaal laten draaien — DeepSeek, Llama — zodat ik zonder API-kosten en zonder privacyzorgen kan experimenteren? Is dit het moment om van gebruiker naar infrastructuurbeheerder te worden, ook thuis?

Ik weet het eerlijk gezegd nog niet. Maar het feit dat ik de vraag stel, zegt al iets. Een jaar geleden was dit domein van de echte technicus. Nu staat het open voor iedereen met een Mac Mini en een beetje doorzettingsvermogen.

De snelheid van de ontwikkelingen is mind-boggling. Niet als cliché. Als dagelijkse ervaring. Iedere week is er iets wat de week ervoor nog niet bestond. Iedere week moet ik mijn mentale model bijstellen. En ik ben iemand die dit actief volgt.

Wat doet dat met iemand die er minder mee bezig is?

Wat er volgt

De komende twee weken werk ik dit verder uit in een drieluik. De gedachten zijn er — de vorm nog niet helemaal vast. Maar de richting is helder.

Het drieluik volgt de lijn van één denker die ik een betrouwbare gids vind in dit landschap: Ethan Mollick, Wharton-professor en auteur van Co-Intelligence. Hij schreef in oktober 2023 over de schaduw van het Ding. In maart 2026 schreef hij over het Ding zelf. Die twee teksten, twee jaar en een wereld van verschil apart, vormen het intellectuele hart van wat er volgt.

De drie blogs verkennen naar verwachting elk één tijdperk — van wie Mollick is en wat hij zag aankomen, via de menselijke rol in het agentische tijdperk, naar de vraag wat er na de orkestrator komt als het paard slimmer wordt dan het hoofd.

Maar dat is voor de komende weken. Voor nu is dit genoeg om mee te beginnen.


Bronnen en inspiratie: Ethan Mollick, 'The Shape of the Shadow of The Thing' (One Useful Thing, oktober 2023) · Ethan Mollick, 'The Shape of the Thing' (One Useful Thing, maart 2026) · METR, 'Measuring AI Ability to Complete Long Tasks' (2025) · Jensen Huang, GTC 2026 keynote (maart 2026) · Wikipedia: OpenClaw · Mijn eerdere blogs: 'De Mens als Orkestrator' (13 maart 2026), 'De Kloof' (15 maart 2026)


Co-creatie: Dit stuk is georkestreerd samen met Claude (Anthropic), versie Sonnet 4.6. De gedachten, posities en interpretaties zijn van mij. Claude heeft geholpen bij het structureren, het aanscherpen van argumenten en het schrijven van de tekst — als bewust voorbeeld van de orkestratie die ik hier beschrijf. NotebookLM ingezetvoor de visualisaties.

Lees meer